Bluf.
Lieve,
Dat ik bluf,
is geen geheim.
Geheimen,
heb ik niet.
Ken ik niet.
Ken ik jou.
Ken ik
niet.
Lieve,
Dat ik bluf,
is geen geheim.
Geheimen,
heb ik niet.
Ken ik niet.
Ken ik jou.
Ken ik
niet.
In mijn omhelzing
vergeet ik te zeggen
ik heb u lief.
In mijn gedachten
fluister ik de woorden
ik heb u lief.
In mijn haast
verlangen mijn tranen
ik heb u lief.
En in mijn emotie
vertelt mijn liefde u
woorden van mijn hart;
Ik heb u lief.
<3
Zal ik je meten met een zomerdag?
Jij bent lieflijker en kent beter maat.
Storm beukt wat ik in mei als knopje zag:
te snel verliest de zomer zijn mandaat.
Soms schijnt het oog des hemels veel te heet;
vaak is zijn gouden teint van korte duur;
en al wat glanst verliest ooit toch het kleed
ontluisterd door het lot of de natuur.
Jij bent de zomer die voor eeuwig straalt,
en nooit verloren gaat jouw gouden schijn;
nooit grijnst de dood dat je in zijn schaduw dwaalt,
daar jij tijdloos doorleeft in eeuwige lijn.
Zo lang de mens kan ademen, ogen zien,
zo lang leeft dit, en dus jij bovendien.
- William Shakespeare, vertaling NL.
Ik las het boek ‘Was alles maar konijnen’ van Renske de Greef. Ik weet niet meer precies welke bladzijde en/of welk hoofdstuk, maar wel ergens in het begin. Dan praat Sara, de hoofdpersoon van het boek, over kuisptoelpoëzie als ze in de metro zit en dat heeft me toen aan het denken gezet.
En die link die je stuurde… dat stukje dat op die blog staat is precies hetzelfde stukje uit dat boek!
Het begint inderdaad een beetje verwarrend te worden.